Laat het ons weten als de bedrading in de onderstaande tabel niet klopt.
Er bestaat in de sector geen algemene consensus over het gebruik van A en B voor RS485-polariteit. De benaming kan daarom bij sommige apparaten contra-intuïtief zijn.
Je MOET elk apparaateen uniek adres op de RS485-bus geven. Raadpleeg de handleiding van het apparaat voor instructies.
Gebruik eerst de lagere adressen (1, 2, ...) omdat de SmartgridOneController deze sneller zal vinden!
Voor elk apparaat wordt doorgaans aanbevolen om de standaard baudrate, pariteit en stopbits te behouden. De SmartgridOneController zal die eerst scannen.
Ga naar “Hoofdscherm” >> “Systeeminstellingen” >> “Geavanceerde Functie.”
Modbus SN moet worden ingesteld op een nummer tussen 1 en 247. Selecteer 0 niet!! Merk op dat als er meerdere apparaten op de RS485-bus zijn aangesloten, elk een uniek nummer moet krijgen. Dit is het adres.
Slave moet aangevinkt zijn.
Alleen wanneer een extra meter direct op de omvormer is aangesloten, moet “EX_meter For CT” worden aangevinkt. Als er alleen een meter parallel is aangesloten met de SmartgridOneController dan moet dit uitgevinkt worden.
Zorg dat de volgende instellingen correct zijn: "Max A Charge", "Max A Discharge", "Grid Charge Ampere"