Verbind de omvormer met uw internetnetwerk met behulp van de "Solarman dongle".
Installeer de WiFi- of Ethernet-dongle in de omvormer en zorg dat deze verbonden is met uw netwerk.
Noteer het serienummer van de dongle (zie de afbeelding links/boven). Dit heeft u nodig bij het instellen van de communicatie met de controller.
[!OPMERKING] Dongle firmware
WiFi dongle firmware LSW3_15_FFFF_1.0.65 en ethernet dongle firmware ME_08_2701_2.06 zijn getest. Bij problemen kunt u proberen deze specifieke firmwareversies op de dongle te plaatsen. Neem hiervoor contact op met de leverancier van uw dongle.
Laat het ons weten als de bedrading in de onderstaande tabel niet klopt.
Er bestaat in de sector geen algemene consensus over het gebruik van A en B voor RS485-polariteit. De benaming kan daarom bij sommige apparaten contra-intuïtief zijn.
Je MOET elk apparaateen uniek adres op de RS485-bus geven. Raadpleeg de handleiding van het apparaat voor instructies.
Gebruik eerst de lagere adressen (1, 2, ...) omdat de SmartgridOneController deze sneller zal vinden!
Voor elk apparaat wordt doorgaans aanbevolen om de standaard baudrate, pariteit en stopbits te behouden. De SmartgridOneController zal die eerst scannen.
Externe omvormersturing moet worden ingeschakeld in het configuratiemenu van de omvormer via het LCD-scherm.
Druk kort op de knop naar beneden.
U ziet "1. Enter settings", druk 2 seconden op de knop naar beneden om de instellingen te openen.
Navigeer door de instellingen totdat u het volgende ziet:
Modbus Address of
Set ComProtocol
Druk 2 seconden op de knop naar beneden om het adres in te stellen.